Brandklassen en blusrating

Om in Nederland draagbare blusapparaten (tot 20 kilogram) te mogen verkopen is het Rijkstypekeur vereist. Dit keurmerk is wettelijk vastgesteld in het Besluit draagbare blustoestellen 1997. Op het label van deze brandblussers vind je dan combinaties van cijfers en letters zoals 34A & 233B. Maar wat houdt deze combinatie van letters en cijfers nu precies in? In deze blog leggen we uit welke brandklassen er zijn en hoe een blusrating wordt gemeten.

Normering van blusrating

De NEN-EN 3-7 is de norm die de eigenschappen, prestatie-eisen en beproevingsmethoden specificeert voor draagbare blustoestellen geschikt voor A, B, C, D of F brandklassen. Alle draagbare brandblussers die het Rijkstypekeur voeren zijn onderhevig aan deze norm. Dit “keurmerk” wordt aangegeven in de ellips op het etiket van een draagbaar blusapparaat.

Brandklasse A

Met brandklasse A wordt brand in vaste, niet smeltende en meestal organische stoffen zoals hout, textiel en papier bedoeld. Een belangrijke eigenschap van het deze brand is dat de brandbare stof na ontbranding kan gaan smeulen of nagloeien.

Blusproef A om blusrating te meten

Blusproef A

Men moet een rechthoekige stapel houten balken met 8 minuten voorbrandtijd blussen. Na de blussing mag gedurende 3 minuten geen herontsteking plaatsvinden. 2 van de 3 blusproeven moeten succesvol zijn. De blusrating wordt vastgelegd naar de lengte van deze houten balken. 1 decimeter is 1A, dus 2,7 meter is 27A. De toegelaten blusmiddelen zijn poeder, schuim en water.

Rating Klasse A poederblussers schuimblussers
toegelaten inhoud
(kg)
toegelaten inhoud
(liter)
5A 1 2-3
8A 1-2 2-3-6
13A 1-2-3-4 2-3-6-9
21A 1-2-3-4-6 2-3-6-9
27A 1-2-3-4-6-9 2-3-6-9
34A 1-2-3-4-6-9 2-3-6-9
43A 1-2-3-4-6-9-12 2-3-6-9
55A 1-2-3-4-6-9-12 2-3-6-9

Brandklasse B

De brandklasse B omvat brand in vloeibare en smeltbare stoffen zoals koolwaterstoffen (benzine, dieselolie, plastic), verf, schoonmaakmiddelen en was.

Blusproef B

Blusproef B

Men moet een ronde bak 2/3 gevuld met heptaan & 1/3 gevuld met water blussen. Na 1 minuut voorbrandtijd moet de bak geblust worden. De blussing is succesvol wanneer alle vlammen zijn gedoofd en er na de blustest nog voldoende brandstof in de bak aanwezig is. 2 van de 3 blussingen moeten slagen. 1 liter brandbare stof is 1B, dus 144 liter is 144B. De toegelaten blusmiddelen zijn poeder, schuim en koolstofdioxide.

Rating Klasse B poederblussers schuimblussers koolzuursneeuw
toegelaten inhoud
(kg)
toegelaten inhoud
(liter)
toegelaten inhoud
(kg)
21B 1 2
34B 1-2 2-3 2
55B 1-2-3 2-3 2-5
70B 1-2-3-4 2-3 2-5
89B 1-2-3-4 2-3 2-5
113B 1-2-3-4-6 2-3-6 2-5
144B 1-2-3-4-6-9 2-3-6 2-5
183B 1-2-3-4-6-9-12 2-3-6-9 2-5
233B 1-2-3-4-6-9-12 2-3-6-9 2-5

 

Brandklasse C

Brand in gassen zoals aardgas, lpg, propaan of butaan vallen onder de brandklasse C.

Voor gasbranden is geen blusproef norm, aangezien bij gasbranden eerst de gastoevoer moet worden afgesloten en uiteindelijk geblust mag worden met poeder of CO2. 2 van de 3 blussingen moeten slagen. Blusmiddelen bedoeld voor C branden hebben dus enkel een C markering zonder cijfer.

 

Brandklasse D

Branden in metalen zoals aluminium, kalium, natrium en magnesium vallen onder brandklasse D. Door de extreem hoge temperatuur en het sterk reactieve karakter van de brandstof zijn metaalbranden onmogelijk te blussen met traditionele brandblussers. 12 kilogram poederblussers met een speciale combinatie van Natriumchloride bluszouten zijn hierop de uitzondering.

Blusproeven D

Aanvullend op de NEN-EN 3-7 norm vallen D-blussers ook onder de NEN 2033 norm. Om de blusstof te toetsen worden 2 verschillende blusobjecten gebruikt.

1e Magnesium blusobject = Dit blusobject bestaat uit een droge bak van 2mm dik plaatstaal met afmetingen van 50 cm bij 50 cm en 10 cm hoog. De bak wordt gevuld met een lichtmetaallegering, die minimaal uit 83% en maximaal uit 88% magnesium bestaat. Na de voorbrandtijd mag overgegaan worden tot blussing. 10 minuten na het blussen moet worden aangetoond dat er nog onverbrande metaalspanen aanwezig zijn in de bak.

2e Natrium blusobject = Voor dit object wordt dezelfde bak als voorheen gebruikt. Deze bak wordt gevuld met 3kg natrium. Onder de bak wordt een bak met benzine geplaatst en aangestoken; het natrium wordt verhit totdat het vloeibaar geworden natrium tot zelfontbranding overgaat. Op dit moment mag worden geblust. 10 minuten na het blussen moet worden aangetoond dat er nog onverbrand natrium aanwezig is in de bak.

Net als bij C blussers wordt er geen rating aan de D klasse gegeven.

 

Brandklasse E

Voor elektriciteitsbranden wordt geen blusrating meer afgegeven om dat deze brandklasse officieel is komen te vervallen.

 

Brandklasse F

Vetbranden vallen onder brandklasse F. Wanneer vet  (bijv. frituur) een temperatuur van ongeveer 350°C bereikt zal het spontaan ontbranden. Deze branden zijn niet met water te blussen, aangezien water de situatie verergerd.

Blusproef F

Blusproef F

Een bak wordt gevuld met olie. Na 2 minuten voorbrandtijd moet de bak geblust worden. Als vlammen gedoofd zijn, mag gedurende 20 minuten geen herontsteking plaatsvinden. 2 van de 3 blussingen moeten succesvol zijn. 1 liter olie is 1F, dus 25 liter is 25F.

Rating Klasse F vetblussers
toegelaten inhoud (liter)
5F 2-3
25F 2-3-6
40F 2-3-6-9
75F 2-3-6-9

 

Mocht je over bovenstaande vragen hebben, aarzel dan niet en neem contact met ons op.